Opgeheven Belgische militaire begraafplaats (Reninge - WOI-WOII)

Opgeheven Belgische militaire begraafplaats (Reninge - WOI-WOII)

Opgeheven Belgische militaire begraafplaats (Reninge - WOI-WOII)

Kenmerken

Meer info

Reninge bleef gedurende de hele oorlog Frans en Belgisch grondgebied. Het was gelegen in het Z van de Ijzersector, het was een centrum van de tweede verdedigingslinie en lag op de aan- en afvoerroute van het hinterland in het Poperingse naar de eerste linie ter hoogte van de Ieperlee. Er werden vele militairen ingekwartierd, er werden commandoposten ingericht, er waren verschillende medische posten en de artillerie stond er opgesteld. Het werd dan ook gedurig beschoten en de bewoners moesten dikwijls vluchten. In de nabijheid van deze voormalige militaire begraafplaats, en aan de oorsprong ervan, lag café "De Trompe". Eind oktober 1915, na een aantal dodelijke voltreffers op zijn woning, vluchtte de uitbater, Henri Florisoone, voor 3 jaar naar de St.-Sixtusabdij van Westvleteren. Op de Molenhoek stonden immers enkele geschutsbatterijen opgesteld wiens positie gekend was door de Duitse tegenhangers. In de woning en de stallingen van De Trompe werden manschappen van de Franse en Belgische artillerie ingekwartierd. Tegenover De Trompe was er een houten kapel door het leger opgericht. Aalmoezeniers konden er missen opdragen en er werden revues georganiseerd. In die noodkerk was er tevens een lijkenhuisje. De doden die er opgebaard lagen, waren afkomstig van de nabijgelegen verbandpost en werden op de nabijgelegen begraafplaats ter aarde besteld. De eerste begrafenis had plaats in 1915. Tegen het einde van de oorlog bestond de begraafplaats uit verschillende houten, versierde kruisjes, in rijen parallel met de middengang opgetrokken. De rechterkant van de begraafplaats was afgeboord met knotwilgen en iepen. Achteraan stond een groot kruis met een Christusbeeld onder een zadeldakje. Aan de ingang van de begraafplaats stond in een open ruimte een art nouveau oorlogsgedenkteken in blauwe hardsteen. Het was een geprimeerd werk uit een wedstrijd die werd georganiseerd tussen de kunstenaars van de 2de Legerdivisie. Het werd er geplaatst tijdens het verblijf van deze divisie in de sector van Steenstrate, door en voor deze divisie. Naast een palmtak, luidde het opschrift: 'II D.A.' 'A NOS MORTS'. Na WOI kwam hier de Nederlandse vertaling bij. Na een aantal jaren geraakte het monument in verval en werd het afgebroken. Vanaf ca. 1920 begon de Belgische regering te werken aan de uniforme aanleg van Belgische militaire begraafplaatsen. Het Ministerie van Landsverdediging gaf de opdracht aan de Brusselse architect Simons om de officiële Belgische grafsteen te ontwerpen. Het duurde tot 1924 eer de grafsteen officieel voorgesteld werd. In de periode 1924-1925 werden 9 Belgische militaire begraafplaatsen in de Westhoek aangelegd. Ook deze begraafplaats 'Molenhoek' werd in de jaren '20 aangekocht uit privaat bezit en aangelegd. Er werd een oppervlakte van ca. 31a ingenomen en in 1920 waren er 347 graven. In de eerste helft stonden de grafstenen parallel met de middengang, in de tweede helft haaks erop. De beplanting bestond uit een lindeboom en iepen en later uit lindebomen. Er was een Christusbeeld (zonder zadeldak). In 1921-1922 groeide het aantal doden aan tot 358 Belgen en 7 Fransen. Vermoedelijk vonden toen een aantal ontgravingen plaats (in maart 1921 toegelaten, of is er sprake van een vergissing), zodat uiteindelijk 248 Belgische militairen die omkwamen in WOI op de Belgische militaire begraafplaats van Reninge rustten. De lange wacht aan de Ijzer en de gevechten bij Driegrachten, Merkem en Lizerne kostten hen het leven. Het waren veelal manschappen van de 1ste en 2de Legerdivisie. Van die 248 waren er vermoedelijk 240 geïdentificeerd. Gezien het hoogste grafnummer 246 was, moeten er 2 dubbelgraven, of 1 graf van 3, geweest zijn. De hoogste in graad was 1ste sergeant-majoor Pieter Coomans van het 7de Linieregiment, die sneuvelde op 30 mei 1916. Er lagen ook 21 Britse militairen die omkwamen in WOII, en meerbepaald in 1940, en gevonden waren ten W van de baan Diksmuide-Ieper. De begraafplaats van Reninge werd in 1968 opgedoekt. De graven werden overgebracht naar Hoogstade (117) en Westvleteren (123). Het Christusbeeld verhuisde mee naar de Belgische militaire begraafplaats van Westvleteren. De Britten en Canadezen werden naar de Britse militaire begraafplaats van Adegem overgebracht.

Thema's:

ACHTER HET FRONT - DOOD - SOLDATEN

Gerelateerde items:

Terug naar resultaten